Wie opgejaagd is, gaat onbewust verkeerd ademen. Dat stelt biomedicus Katrien Geeraerts, die lezingen en opleidingen geeft rond ademhaling, stress, hartcoherentie en de behandeling van hyperventilatie. In een overzicht van tien ademhalingsoefeningen die echt helpen, legt ze uit hoe je dat verkeerde patroon herkent en doorbreekt.

Geeraerts is geen onbekende in het veld. Ze schreef twee boeken over ademhaling: «Blijven ademen» en «Werkboek hyperventilatie, angst en paniek», beide uitgegeven bij Manteau. Daarin vertaalt ze wetenschappelijke inzichten naar de dagelijkse praktijk van wie kampt met stress, angst of paniekaanvallen. Haar centrale boodschap: ademhaling is geen zweverig trucje, maar een fysiologisch proces dat je bewust kunt bijsturen.

Het probleem situeert zich volgens de biomedicus vooral in het onbewuste. Bij spanning versnelt de ademhaling, wordt ze oppervlakkiger en verschuift ze naar de borstkas. Dat verstoort de zuurstof- en koolstofdioxidebalans in het bloed, wat op zijn beurt klachten zoals duizeligheid, tintelingen, hoofdpijn en een beklemd gevoel op de borst kan uitlokken. Wie chronisch zo ademt, belandt in een vicieuze cirkel: de klachten veroorzaken nog meer stress, en die stress versterkt het verkeerde adempatroon.

De oplossing begint bij bewustwording. Een goede ademhaling vertrekt vanuit het middenrif, is rustig en regelmatig, en laat de buik uitzetten in plaats van de borstkas. Geeraerts reikt tien oefeningen aan die dat patroon herstellen. Ze variëren van eenvoudige technieken die je aan je bureau kunt doen tot oefeningen die je voor het slapengaan rustig maken. Sommige zijn bedoeld om acute stress te dempen, andere om op lange termijn de hartcoherentie te verbeteren — de mate waarin hartslag en ademhaling op elkaar zijn afgestemd.

Hartcoherentie is een sleutelbegrip in haar werk. Wanneer je ongeveer zes keer per minuut ademt, raken hartritme en ademhaling in een gunstige cadans. Dat vertaalt zich in een rustiger zenuwstelsel en een betere weerbaarheid tegen stress. Voor mensen die worstelen met hyperventilatie is dat geen luxe maar een noodzaak: het helpt hen om de eerste tekenen van een aanval te herkennen en er niet door overspoeld te raken.

De oefeningen zijn laagdrempelig en vergen geen materiaal. Toch waarschuwt de biomedicus dat wie last heeft van ernstige angst- of paniekklachten er niet alleen mee aan de slag moet. Begeleiding door een arts of therapeut blijft belangrijk, zeker wanneer hyperventilatie een patroon is geworden dat zichzelf in stand houdt. Ademhalingsoefeningen zijn een hulpmiddel, geen vervanging van zorg.

Voor wie wil beginnen, is de eerste stap simpel: merk op hoe je ademt wanneer je gespannen bent. Leg een hand op je buik en een hand op je borst. Adem je vooral met je borstkas, dan is er werk aan de winkel. Door bewust trager en dieper te ademen, geef je het zenuwstelsel het signaal dat er geen gevaar is. Dat is de kern van wat Geeraerts wil meegeven: ademhaling is een van de weinige lichaamsfuncties die je zowel onbewust als bewust kunt aansturen, en precies daarin schuilt haar kracht.

2Weergaven

Auteur

Wonen en design

Sofie Willems — wonen en design, Leefblik.