Een telefoon die op een wolkenkrabber wordt gericht, levert steevast een gebouw op dat achterover lijkt te hellen. Architectuurfotografen noemen dat effect convergerende verticalen en bestrijden het al een eeuw met zware en dure technische camera's of shiftlenzen. De Australische ontwerper Lachlan Fysh pakt het anders aan: met een 3D-printer, een CNC-frees en een houten stok. Zijn FTC-1, een 6×7-filmcamera met verschuifbare lens, won goud in de categorie camera's bij de International Design Awards 2025.

De FTC-1 schiet op 120-film met achterwanden van een Mamiya RB67 en gebruikt lenzen uit de grootformaatwereld, waarvan de ruime beeldcirkel genoeg speling laat om het beeld te verschuiven. Aan een knop draaien volstaat om de lens tot 30 millimeter omhoog te brengen, terwijl de camera perfect waterpas blijft en het kader opschuift om de top van een toren te vangen. Een tweede mechanisme regelt 15 millimeter zijwaartse verschuiving, en de achterwand draait tussen staand en liggend op magnetische detenten. Het geheel weegt 1,1 kilogram en kost 1.200 Australische dollar, omgerekend ongeveer 850 dollar. Zwitserse camera's die hetzelfde trucje kunnen, beginnen in de duizenden euro's nog voor er een lens is gekocht.

Fysh printte zijn eerste prototype volledig in plastic. Dat werkte verrassend goed tot het toestel op een statief belandde: na elke aanpassing bleef het lichaam even natrillen voor het tot rust kwam, een probleem wanneer scherp wordt gesteld op een matglas. Tijdens een koffie in Japan wees Oscar Oweson van Panomicron, die zelf eigen camera's bouwt, hem op aluminium. Fysh liet CNC-gefreesde aluminium platen maken voor de kern en de statiefvoet, waar stijfheid echt telt. Alles wat alleen zijn vorm moet houden, bleef geprint, zodat het lichaam licht genoeg blijft voor iemand die nog steeds vanaf een fiets fotografeert.

De grote holle lenskegels uit massief metaal frezen zou een berg aluminiumkrullen opleveren, wat Fysh om milieu-redenen niet zag zitten. Printen gebruikt een fractie van het materiaal en levert toch de nodige stijfheid. Omdat hij thuis FDM-printers draait, kan hij een kegel op bestelling printen voor eender welke lens en snel een nieuwe maken bij een verkeerde keuze. De ringvormige beugels rond het handvat zouden een nachtmerrie zijn om te frezen en zijn daarom in 3D-geprint metaal uitgevoerd, intussen titanium voor wat gewichtsbesparing. Zelfs het matglas is acryl: het blijft vlak, overleeft een val en houdt de prijs laag.

Het rijmechanisme draait op een TR8-lead screw, dezelfde 8 millimeter dikke schroefdraadstang die op tal van desktop-3D-printers de verticale as aandrijft. Fysh begon met kleinere TR4- en TR5-schroeven om gewicht te sparen, maar die dwongen een keuze tussen traag afstellen en betrouwbaar vergrendelen. Een lead screw houdt zijn positie pas vanzelf vast wanneer de spoed onder ongeveer 60 procent van de diameter blijft, dus vroeg een snelle spoed van 4 millimeter om de dikkere stang van 8 millimeter. Nu beweegt de lens vlot en blijft ze exact staan waar ze wordt achtergelaten, zonder aparte vergrendelknop. Eerdere prototypes gebruikten tandheugels, en Fysh geeft toe dat hij die steeds vergat aan te spannen. Het messing onderdeel met de veer is een anti-backlash-moer: een in twee gesplitste moer waarbij een veer de helften tegenovergesteld tegen de schroefdraad duwt, zodat er geen speling is bij het wisselen van richting. Omdat TR8-hardware alomtegenwoordig is in de 3D-printwereld, komen die moeren van de plank in plaats van uit eigen freeswerk, wat de kosten beheerst.

De meeste technische camera's bieden tilt, waarbij het scherpstelvlak wordt gekanteld volgens het Scheimpflug-principe, zodat een landschap scherp blijft van de rots aan je voeten tot de bergen aan de horizon. Fysh liet tilt bewust weg uit het lichaam. Hij vreesde dat hij met een ingebouwd tiltmechanisme nooit zeker zou weten of het op nul stond, waar hij het zo'n 95 procent van de tijd wil. Zijn oplossing is een reeks lenskegels met een vaste tilt-hoek, berekend per brandpuntsafstand met een zelfgebouwde Scheimpflug-visualizer. Een kegel wisselen duurt in het veld ongeveer een minuut, en de hoek kan nooit verlopen.

De FTC-1 is te koop via de site van Fysh Technical voor 1.200 Australische dollar, met vaste tilt-kegels aan 50 dollar per stuk. Ter vergelijking: de Alpa 12 STC kost als lichaam alleen al 4.300 Zwitserse frank, meer dan 5.000 dollar, voor vergelijkbare rise en shift. Fysh bouwt elke camera naast een voltijdse job, dus de voorraad komt in kleine batches. Een 6×17-panoramische broer, de FTC-W, is al in ontwikkeling op hetzelfde kegelsysteem. Dat de internationale jury van de IDA zowel concepten als afgewerkte producten beoordeelt, maakt de gouden medaille extra zoet: het toestel is effectief te koop.

2Weergaven

Auteur

Wonen en design

Sofie Willems — wonen en design, Leefblik.